WAARVOOR is een natuurvergunning vereist?
U hebt een natuurvergunning nodig voor het wijzigen van vegetatie of kleine landschapselementen.
Met “vegetatie” wordt iedere begroeiing (perceelsdekkend) – op een (half)natuurlijke manier ontstaan of door de mens gecreëerd – bedoeld. De meest typerende vegetaties zijn: bossen, droge of vochtige graslanden maar ook moerassen, rietvelden, duinbegroeiingen, enz.
De term “kleine landschapselementen” staat voor de zeer bonte verzameling van alleenstaande bomen, knotbomen, bomenrijen, houtkanten, hagen, holle wegen, hoogstamboomgaarden, bosjes, bermen, bronnen, poelen, grachten en hun oevers. Vooral vroeger hadden deze kleine landschapselementen diverse functies te vervullen. Denk hierbij aan meidoornhagen als veekering, poelen als drink- en drenkplaats en knotbomen en houtkanten als leveranciers van brandhout. Na WO I verloren vele kleine landschapselementen hun functie en daarmee ook hun bestaansreden. Prikkeldraad deed zijn intrede, kleine percelen werden samengevoegd tot één groot perceel. Desalniettemin blijven deze landschapsbepalende elementen heel belangrijk als verbindingsweg tussen grotere natuurgebieden.
Bij het rooien van (knot)bomen, het dempen van een poel, het uitvoeren van oeververstevigingswerken, het ploegen/scheuren/herinzaaien of draineren van graslanden of grazige vegetaties, e.d. zal u dus een natuurvergunning moeten aanvragen. Deze vergunningsplicht is niet overal van toepassing. Hieronder wordt verduidelijkt over welke gebieden het gaat.